Entry: Onderzoek brand Koningkerk 22.3.04



Goed dat er nu een kritisch onderzoek is verricht naar de brand Koningkerk, de brand die uiteindelijk de tragische dood van drie manschappen van de vrijwillige Brandweer tot gevolg had. Het onderzoek, in de vorm van een ruim 200 pagina’s verzorgd boekwerk, leest als een bloedstollend en tenenkrullend feitenrelaas. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar het is een ware ‘pageturner’, en wat mij betreft van nu af aan verplichte leesstof voor elke brandweermens, ongeacht zijn of haar plaats in de organisatie.


Uit het rapport lees ik, dat wát er ook fout is gegaan in het bewuste uur tussen de aankomst van de brandweer en de dood van de drie vrijwilligers, deze organisatorische missers verbleken bij de laten we zeggen tien jaar daaraan voorafgaand. Sterker nog, naar alle waarschijnlijkheid is er gerede kans dat een dergelijke brand met dezelfde noodlottige gevolgen morgen weer kan gebeuren. En dat is nu juist zo beangstigend. Je kan wel stellen dat dergelijke dodelijke ongelukken inherent zijn aan het bestrijden van brand, maar wie het rapport goed leest, ziet nu juist dat er talloze kansen om de levensbedreigende risico’s tijdens het bestrijden van een brand te minimaliseren de laatste jaren bijna geheel onbenut zijn gelaten, op een manier die wat mij betreft grenst aan grove nalatigheid (ja, ik besef wat ik zeg).


Eén kwestie, wil ik hier specifiek aan de orde stellen, juist omdat deze in het onderzoek vreemd genoeg niet diepgaand wordt behandeld, terwijl de reikwijdte enorm is. Het gaat om hetgeen op bladzijde 30 en 31 over het verschijnsel ‘wisselmederwerkers’ wordt geconstateerd. Wat zijn dat, die ‘wisselmedewerkers’? Vereenvoudigend kan men  het ‘brandweren’ opsplitsen in het voorkómen van brand (preventie) en het, als er dan tóch brand ontstaat, het bestrijden ervan (repressie). En ambtenaren zouden geen ambtenaren zijn, als de organisatie dan ook niet rond deze twee angstvallig gescheiden gehouden disciplines zou zijn opgebouwd in plaats van rond het ‘product brandbestrijding’. Zo heb je dus al decennia lang ‘preventie’ aan de ene kant en ‘repressie’ aan de ander kant van het schot. De mensen die werkelijk verstand van alle aspecten van brand hebben zitten bij preventie, de mensen die zich slechts een paar keer in hun leven met een grote brand geconfronteerd zien, zitten bij repressie.


Nu kwam men nog geen 10 jaar geleden tot het verbluffende inzicht dat een dergelijke benadering risico’s met zich meebracht. Vandaar dat de ‘wisselmedewerker’ werd uitgevonden. De brandbestrijders moesten een aantal uren in de week bij afdeling ‘preventie’ werken. Bijvoorbeeld, zo stel ik me dan voor, om er achter te komen hoe door thermische uitzetting een metselwerkwand door een felle brand in no time wordt ondermijnd. Of waarom een hol, schoorsteenachtig gebouw als een kerk juist heel snel  en heel fel kan afbranden. Of waarom bij een brandende staalconstructie metselwerkwanden vaak naar binnen bezwijken, en bij een houten draagconstructie zoals de Koningkerk juist eerder naar buiten. Of om, ‘wisselwerkend’ bij ‘preventie’ een aanvalsplan op te stellen, zonder welke gegevens je kostbare, levensreddende minuten verliest.. Kortom, die ‘wisselmederwerker’ was een prima benadering natuurlijk, waarbij de theoretische kennis van ‘preventie’ wordt verrijkt met de praktijkervaring van ‘repressie’. Was deze wisselmedewerker goed van de grond gekomen, dan waren met name de ‘beroeps’  manschappen zich meer bewust geweest van de gevaarlijke situatie, en dan zouden de drie vrijwilligers, ook al was verder in de hectiek van de brand van alles verkeerd gegaan, hoogstwaarschijnlijk niet in de valschaduw van de muur hebben gestaan.


“Zouden”, want de tragiek is nu juist dat de uitwisseling tussen ‘preventie’ en ‘repressie’ nooit van de grond is gekomen. Nota bene omdat, ik citeer het rapport,  “de “beroeps” er het nut niet van inzagen om kantoorwerk te verrichten”, “de teamleiders en het hoofd Repressieve Dienst niet coöperatief waren”, zodat “preperatieve" taken (lees aanvalsplannen en bereikbaarheidsplannen) bleven liggen”. Omdat de korpsleiding een andere kant opkeek, konden de beroepsploegen (van ‘repressie’) maar wat aanrotzooien. Oefeningen werden “niet serieus genomen”, oefenuren werden “beperkt geregistreerd”, van uitrukprocedures (essentieel voor de veiligheid van het personeel) werd afgeweken en “het systeem van wisselmedewerker werd effectief gesaboteerd”.


Ik vind dat nogal wat (vooral dat laatste), temeer omdat uit het verdere rapport blijkt dat de organisatie zo is opgezet, dat de veiligheid van de vrijwillige brandweer in niet onbelangrijke mate afhangt van de professionele benadering die men van de ‘beroeps’ zou mogen verwachten. En als ik dan ook nog lees dat de ‘beroeps’, ten einde hun spuitauto’s uitrukgereed te houden meer dan eens onderdelen van de wagens van ‘vrijwillige’ ploegen demonteerden, dan ... val ik stil van verbazing en ontzetting. Cynisch zou je zelfs kunnen stellen, dat nu er geen burgerslachtoffers zijn gevallen, het wel met ‘een sisser’ zal aflopen. Maar het rapport geeft keihard aan dat alle ingrediënten voor herhaling van een dergelijke ramp, maar dán met burgerslachtoffers (er liep ook pers rond onder de muur), aanwezig zijn. Ik denk dan dat de aansprakelijkheid van de korpsleiding dan niet veel anders zal liggen dan bij een cafébaas, die al jaren er niet voor zorgdraagt dat die aanbevolen extra noodtrap nu eindelijk eens afgebouwd wordt.

   2 comments

fikkie
September 28, 2004   06:01 PM PDT
 
waar zijn die bollen. ik zou niet meer rustig slapen als ik bij die brandgasten zou werken. ik dacht hier iets over het nieuwe ontwerp te lezen. waar kan ik dat vinden. mail svp naar fikkie@crematorium.nl
Glenn Mellonius
March 22, 2004   10:50 AM PST
 
Fedde, die groene ronddraaiende bollen bij de cursor zijn irritant.
Ik heb dat al van meerdere mensen gehoord.
Verder: die lopende tekst bovenaan de pagina gaat te traag.

Leave a Comment:

Name


Homepage (optional)


Comments